Dagschotel

antonio-scheltema-cr
De kat is hetzelfde, de kachel in het midden van het café is hetzelfde, de stoelen, tafels en het meisje dat ons bedient is hetzelfde en ze weet ook al dat ik tonic wil. Maar er is iets anders en ik zie het meteen als ik naar ons favoriete tafeltje loop. Diep achter de bar, in de keuken, staat een andere man te koken. Ik let er op omdat het vorige keer ook al zo was en ik toen nog vage hoop had dat het eenmalig was, maar het is nu een maand later en hij staat er nog steeds.

M. Vasalis – De krekels

DE KREKELS

Ik lig met open ogen in het duister
en de gordijnen aadmen op en neer,
ik heb geen lichaam en geen zwaarte meer
mijn geest is rustig en ik luister…
(…)

M. VASALIS

Lees het hele gedicht hier: http://osdir.com/ml/culture.literature.dutch.coster/2008-06/msg00018.html

En voor de grap nog een citaat van Edna St.Vincent Millay tegen M. Vasalis:

“I beg you (…) most sternly to exorcise your private demon (whose name, I suspect is Calvin) and to chew a few lotus seeds.”

Hoe ouder jij, hoe jonger ik

Het is nu je zo oud bent geworden, zo oud, zo oud, dat het lijkt alsof je elke oude vrouw zou kunnen zijn. Ingevallen wangen, haren iets te lang, mond zonder tanden en je handen: de dunne, zachte huid over lange, dunne vingers. Schijnbaar niet veel meer dan botten, huid en donkere aderen net onder de oppervlakte. Mijn hand zo jong in de jouwe terwijl je slaapt, de hele nacht, de hele dag. Even gaan je ogen open, zie je me, glimlach je en dan zie ik jou: Dit is niet elke oude vrouw, die glimlach dat is enkel jij.

Herons in Amsterdam

I watch the old lady with her walker. She’s all in black, walking alongside a tall, older gentleman also all in black. They have something distinguished about them. They’re slowly walking towards me, the lady focused on her walking, the gentleman looking around as if everything is new to him. I push myself into the bushes so they can pass me on the small sidewalk and shyly, I greet them. The man’s eyes cross mine and he turns to the lady. “Another one,” he tells her, as if this is unexpected. Behind them I see a heron stalking the waterside.

[ ]

De grijze dag zit vast.
Het is een kort moment
van rijden door de stad
met bellende fietsers
die onverwacht uit auto’s stappen
en je wijkt uit en mist maar net
de trage oude vrouw of
de man met uitslaand been
maar niet de geruite broek
de rolator met roos
de vrouw die met gebogen
knieën op platformhakken loopt.

Je raakt ze allemaal
of zij jou en je neemt ze mee
naar huis, omdat het vrijdag is
en de grijze dag in een keer zwart.

Op avontuur

We stappen uit de taxi en hij wankelt een beetje. “Het is die kant op, dat is de kade,” zeg ik. Hij knikt en samen gaan we op zoek naar het restaurant waar we gereserveerd hebben. Ik hoop dat het dichtbij is. Wij zijn afgezet bij de brug van het Westergasterrein dat het dichtst bij het centrum ligt en naarmate we verder lopen realiseren we ons dat we beter drie bruggen verder hadden kunnen uitstappen, bij de sluisjes van de reigers. Als we over de smalle planken lopen, vindt hij alleen die sluisjes al de moeite van het komen waard.