Vriendjes?

Ik loop over de galerij van de flat richting de trap en mijn oma op de derde verdieping, maar voor ik bij de trap ben, zie ik opeens iets in een boom. Het is koud; er ligt zelfs nog wat ijzige sneeuw op de grond en op de takken van de boom. Op één van die takken zit een grote zwarte kat, met daaromheen drie grote zwarte kraaien. De kraaien hoppen onrustig heen en weer, schreeuwen, de kat zwiept met zijn staart. Langzaam loop ik erheen en heel voorzichtig, met één oog op mij, klimt de kat de boom uit.