Hoe ouder jij, hoe jonger ik

Het is nu je zo oud bent geworden, zo oud, zo oud, dat het lijkt alsof je elke oude vrouw zou kunnen zijn. Ingevallen wangen, haren iets te lang, mond zonder tanden en je handen: de dunne, zachte huid over lange, dunne vingers. Schijnbaar niet veel meer dan botten, huid en donkere aderen net onder de oppervlakte. Mijn hand zo jong in de jouwe terwijl je slaapt, de hele nacht, de hele dag. Even gaan je ogen open, zie je me, glimlach je en dan zie ik jou: Dit is niet elke oude vrouw, die glimlach dat is enkel jij.